Begeleiden van migranten mannen die passen in het profiel ‘partner- mishandelaar’

Toen ik begin 2000 bezig was met het thema migranten mannen en huiselijk- eergerelateerd geweld, ben ik in aanraking gekomen met een aantal zelforganisaties die iets met mannen wilden doen rondom dit thema.

In verschillende steden heb ik lang en kortdurende trajecten begeleid met mannengroepen.

Deel van deze mannen hadden hun vrouwen niet mishandeld maar wisten zich geen raad met hun vrouwen en hun huwelijk. Er was sprake van liegen, vreemdgaan, boosheid  naar de schoonouders. Deze mannen begrepen veel dingen niet van zichzelf en konden in de groep hierover uitkomen.

Ismet: ‘Wist ik veel dat mijn vrouw behoeftes heeft en nooit heeft geleerd om voor deze behoeftes uit te komen. Het deed me heel goed om het verhaal van mijn vrouw te begrijpen. Van niemand anders had ik zulke dingen gehoord, echt niet, ook niet van mijn ouders. Maar ook heb ook geleerd dat ik behoeftes heb en dat ik ze mag hebben als man. Heb ook nooit geleerd hoe ik dat moest verwoorden’.

Een deel van de mannen waar ik mee heb gewerkt hadden wel geweld tegen hun vrouwen gebruikt en tevens de kinderen mishandeld. Werken met deze groep vroeg om een heel andere aanpak.

Centraal staat reguleren van agressie, leren omgaan met alternatief gedrag. Begeleiding en groepswerk staat in het teken van samen onderzoeken naar de oorzaken waarom mannen zo handelen. We koppelen gedrag los van persoonlijkheid hetgeen voor veel mannen ontroerende momenten met zich meebracht. Werken met de oorzaak van het agressief gedrag heeft erin geresulteerd dat geweld zich niet meer heeft herhaald.

Ook is er veel aandacht besteed aan het moeder-zoon thema, hetgeen een taboe is binnen de collectief georiënteerde samenlevingen. De afstand tussen de seksen is zodanig groot dat moeders hun zonen of extreem claimen of van zich afduwen.

Zonen komen op deze manier nauwelijks los van hun moeder.

Mehmet: ‘Het was de eerste keer in deze groep dat ik me geen ‘dader’ voelde maar een mens. Ik werd als mens behandeld en daar begon bij mij de schaamte. Wat had ik gedaan? Ik begreep niets van mezelf. Nu weet ik wie ik echt ben, deze ik mocht er nooit zijn. Ik moest alles doen voor mijn moeder, als ze me belde en vroeg of ik nu meteen boodschappen voor haar moest doen, deed ik dat. Dat is je plicht als zoon. Maar eigenlijk was ik kwaad op haar. Van mijn geloof mag ik niet boos zijn op mijn moeder, anders zal ik hiervoor zwaar gestraft worden. Dus sloeg ik mijn vrouw’.

Duur traject: 10 maanden, elke week een bijeenkomst van een dagdeel.

Maximaal aantal deelnemers: 8- 10

Prijs: in overleg.